We wonnen. En daar mogen we trots op zijn.
KNSB competitie, klasse 7C, ronde 1 (2026-10-03)
Het schrijven van het verslag duurde iets langer: Onze teamleider (Alexander) kon slechts het begin van de wedstrijd bijwonen. Ik (Bram) trad op als vervangend teamleider maar was vrijwel de gehele wedstrijd druk bezig met mijn eigen partij en kreeg slechts flarden mee van de rest van de wedstrijd. Met wat hulp van enkele teamleden (dank allen) de volgende reconstructie.
Piet speelde een stabiele partij tegen Martijn. Vanaf mijn bord zag ik hem een stabiele stelling opbouwen met lopers en dame op de diagonaal, klaar voor een toekomstige aanval. Zijn tegenstander verschoof wat pionnen waarmee hij enkele zwaktes veroorzaakte in zijn eigen stelling. Piet opende de stelling en trok een loper terug. Ineens zag de dame van de tegenstander zich geconfronteerd met een torenaanval. Zonder weg terug gaf de tegenstander zwijgend een hand. De eerste winstpartij (in de geschiedenis van PMC3) was een feit.
Darwin gaf aan dat zijn partij pijn deed. Hij verloor. Maar alleen dat doet zijn partij geen recht:
Darwin en zijn tegenstander Igor speelden beiden voor lange tijd zeer accuraat. Darwin kwam met zwart goed uit de opening en weerde dreigingen af door stukken te ruilen. In het proces kreeg zijn tegenstander een geisoleerde d-pion waar Darwin zich op ging focussen, hoewel een aanval best lastig was.
Toen na Piet ook Tommasso won bood Darwin remise aan. Zijn tegenstander weigerde het aanbod. Na nog een pionnenruil kwam Darwin (na 25 zetten) iets beter te staan. In tijdsnood kon Darwin zelfs een toren op de tweede rij plaatsen en leek zijn aanval op gang te komen. Hij zag echter een schaakje over het hoofd en verloor een stuk. Na 25 zetten zeer nauwkeurig spel voel je de winst praktisch in je klauwen… en om het dan zo door de vingers te voelen glippen doet pijn.
De volgorde van de verdere uitkomsten is niet geheel duidelijk maar Rob (Brink) verloor zijn partij en René (Slaa) en Arno behaalden beiden remise.
Met 3-3 als tussenstand was het nog spannend.
In mijn (Bram) partij had ik (met zwart) na een lang aanvoelende schuifel-opening gelukkig een behoorlijke stelling weten te bereiken. Een aanval op de verzwakte koningszijde van mijn tegenstander Rob (Teunisse) werd echter goed geblokkeerd. De stelling van Huub zijn partij was voor mij niet duidelijk op basis van een korte blik. Ik verschoof mijn focus naar de rest van het bord.
Huub zijn partij was heel lang gelijk opgegaan. Zijn remiseaanbod was echter afgeslagen. Zijn tegenstander René (Meijer) bezorgde hem een slechte loper, maar als gevolg kon Huub binnenkomen met een toren… waarmee hij enkele pionnen sloeg. Dit resulteerde in winst en het belangrijke 4de bordpunt.
Remise op het laatste bord zou het team de winst opleveren. Ik had net iets eerder de mogelijkheid gehad om de dames af te ruilen voor een stelling met een sterk paard tegen een zwakke loper (een droomscenario vertelde iedereen mij achteraf). Ik dacht echter iets mooiers te zien waarmee ik een vrijpion kon krijgen. Ergens in de calculaties in mijn hoofd speelde ik dan winnend verder met het paard dat ik eerder in die calculatie al had geruild.

Dames afruilen? Ik ging voor Pd4.
Na de werkelijke afruil hield ik weliswaar een vrijpion over maar moest ik ook de dames op het bod houden om deze niet kwijt te raken. De stelling was onduidelijk. ik stond beter maar dan moest ik de vrijpion wel zien te behouden.
Enkele pionzetten, inclusief een afgeslagen pionoffer, volgden. Nu stond ik naar mijn idee wel gewonnen maar zou ik voor ik kon promoveren een lading schaakzetten moeten tolereren. Een enkele fout zou verlies kunnen betekenen.

Eindstelling (Dc3+ mogelijk).
Normaal zou ik doorspelen, maar nu hing er een teamresultaat van af. Ik bood remise aan, en dat werd aangenomen.
Met 4½-3½ is de eerste wedstrijdzege van PMC3 een feit.
Goed gespeeld allemaal. Dit smaakt naar meer.
| Bordnummer | PMC 3 | Rating | Zutphen 2 | Rating | Uitslag. | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 | Arents, A. (Arno) | 1843 | – | Hartman, M.G. (Marinus) | 1802 | ½ – ½ |
| 2 | Blom, H.J. (Huub) | 1751 | – | Meijer, R. (René) | 1743 | 1 – 0 |
| 3 | Knippenberg, B. (Bram) | 1669 | – | Teunisse, R.J. (Rob) | 1716 | ½ – ½ |
| 4 | Leeuw de, P.L. (Piet) | 1734 | – | Kasza, M. (Martijn) | 1634 | 1 – 0 |
| 5 | Poll van der, D. (Darwin) | 1670 | – | Volynskyi, I. (Igor) | 1620 | 0 – 1 |
| 6 | Cicala, T. (Tommaso) | 1661 | – | Hilbrink, J.A.M.C. (Coen) | 1642 | 1 – 0 |
| 7 | Slaa, R. (Rene) | 1553 | – | Bette, P.A. (Peter) | – – | ½ – ½ |
| 8 | Brink, R.T.F. (Rob) | 1430 | – | Duits, G.M. (Maarten) | 1496 | 0 – 1 |
| 1664 | 1665 | 4½ – 3½ |
